The Story Of......

Crapjam is klaar met haar derde cd 'solo' en komt naar een theater bij u in de buurt! Maar voordat dit mirakeltje het licht zag, is er nog wel het een en ander voorgevallen. Daarom: De Crapgeschiedenis.

Crapjam bestaat uit vijf knapen die allemaal in het Drentse stadje Meppel wonen. Ze begonnen een band waarmee ze in de afgelopen jaren zo'n beetje elke zaal, en elk hok, in Nederland van binnen hebben gezien. We hebben het hier dus over de podia van Paradiso, het Paard, Tivoli en bijvoorbeeld de Oosterpoort tot de regenachtige kleedkamer van Iets Vrijers en de helemaal-geen-kleedkamer van elk popcollectiefje. Vaak was Crapjam hier niet alleen, maar waren ze het voorprogramma van bands die een flinke zaal konden vullen. Zo deed de band een gehele tour met de Zwolse Prodigal Sons, en was Crapjam het voorprogramma van bands als The Lemonheads, All, De Dijk, Big Country, enne, noem maar op.

Nee, de band zat zeker niet stil. Inmiddels stond de band toch zeker tweehonderdvijftig keer op de planken. Maar, laten we eerlijk zijn: tot een echte doorbraak heeft het nog niet mogen komen. Waar dat ook aan mag liggen, aan de critici ligt het niet. Hier volgt een kleine bloemlezing:
Over de eerste, in eigen beheer uitgebrachte, cd 'Crapjam'. OOR-recensent Van Nieuwenhoven: 'Het kwintet Crapman [foutje van 'm, werd in het volgende nummer gerectificeerd] beschikt in de persoon van drummer Peter Dijkman over een getalenteerd componist. (...) De nummers kunnen zich meten aan bijvoorbeeld het beste werk dat Hans Vermeulen ooit voor The Sandy Coast schreef'.
Een optreden uit die tijd levert de volgende recensie in de OOR op: '... Vijf enthousiaste jongens spelen een formidabele set rockpopliedjes met spannend intro, sterke kop en kwispelstaart. De melodieuze composities stralen vanzelfsprekenheid uit en je zou zweren dat je ze van de radio kent.' De recensent deelt nog een stapel complimenten uit en besluit zijn betoog met een mededeling aan platenbonzen: 'Ga opzoeken waar Meppel ligt!' De vijf jongens waren nu nog enthousiaster.
Ook De regionale pers vond de band natuurlijk tof. Gert Meijer van de Drents Groningse Pers zag in Crapjam zijn grootste hoop in de bange dagen van Drenthe's post-Harry Muskee tijdperk. Naast de kop 'Crapjam haalt de bezem door Drenthe' vermeld Meijer dat ie hij erg van het optreden heeft genoten. Dank, Gert!
En wat te denken van wat een Duitse recensent van een optreden in Bremen te zeggen had? '...Dafur entschadigten die Hollander die zuhorer mit Musik, deren vorrangiges Ziel Spass und gute Laune war. Angelehnt and die erfolgreichen Popbands der 70er Jahre, tobten sich die Jungs auf der Buhne aus, boten frischen und mitreissenden Beat und Pop und liessen auch in Coverversionen wie 'I am a walrus' vond den 'Beatles' ihre lust an einfachen Strickmustern und Akkordschemen freien Lauf.' De kop boven het stuk luidde: 'Was schon die Vater mochten'.

Dat ging dus allemaal lekker. Maar, het werd nog beter. Crapjam zat alweer een tijdje bij het Zwolse management SOZ, die destijds ondermeer Van Dik Hout en de Prodigal Sons vertegenwoordigden en waarbij tegenwoordig Hallo Venray is ondergebracht.
Bert's SOZ bemiddelde in '95 voor Crapjam bij een platencontract met VIA. Met een deal op zak kon de tweede cd 'Recorder' dus relaxt in een paar weken worden opgenomen in de studio Beaufort in Enkhuizen. De plaat werd geproduceerd door Peer Rave, bekend van meerdere produkties, maar vooral door zijn werk met geweldenaar Henry Rollins. Op toetsen speelde overigens Jeroen de Jong een aantal partijen mee. Deze multi-instrumentalist annex muziek-o-fiel zou op de volgende plaat, Solo, een groter aantal toetsenpartijen voor zijn rekening nemen.

Van 'Recorder' werden door VIA twee singles gehaald. 'Consolation', de tweede single, werd eerst opnieuw opgenomen in een studio in Loosdrecht onder de werkelijk vaderlijke leiding van Engelsman Tom Pearce. Hoewel zijn verhalen over de groten der aarde waar hij mee had gewerkt (Beatles, Clapton, Elton John) erg aansloegen bij de band was zijn uiteindelijke mix van het nummer zo glibberig dat Peter het nummer overmixte.
De beide singles werden weliswaar op ondermeer radio drie gedraaid, maar het uiteindelijke doel (absolute werelddominatie) schoten ze voorbij. Bij het Tros-programma Nachtwacht werd tussen de rijmelarij het nummer 'Lost In Your Eyes' gedraaid. 'Een lied van C. uit M.'

De recensenten waren unaniem over 'Recorder': goed!
OOR: 'Recorder is een klasseplaat geworden. (...) We moeten massaal achter Crapjam gaan staan. Zoveel Nederlandse kwaliteitsbands met lekkere, poppy gitaarmuziek hebben we namelijk niet.'
Mindview, een Belgische muziekkrant: 'Crapjam is duidelijk een groep die uit gedegen muzikanten bestaat en ze weten ook wat goede songs maken is. Voeg hierbij nog het feit dat ze een zeer geschikte zanger hebben en het plaatje is compleet.'
Jeroen Fidder van Watt: 'Drummer Peter Dijkman is een begenadigd liedjesschrijver en zijn vakmanschap komt op Recorder goed uit de verf. (...) Tweede sterke troef is gitarist Diets Dijkstra. Bij vlagen produceert hij onweerstaanbare en kwalitatief hoogstaande gitaarsoli.'
STAGE: 'Crapjam klinkt heel erg fris en bijzonder goed. Aanschaffen die handel!'
Fret: ...'Nu is er Recorder, opnieuw een cd met zeer mooie popsongs..'
Alles op 10: ...'De door Peer Rave geproduceerde liedjes nestelen zich al na een luisterbeurt in hoofd en hart: Daryll Ann krijgt concurrentie.'
Recensies in regionale en plaatselijke kranten en bladen, alsmede die in landelijke muziekkranten ademen allemaal dezelfde sfeer.

Ter promotie van het album ging Crapjam op de (al eerder genoemde) uitgebreide tour met The Prodigal Sons. Daarnaast speelt de band op Noorderslag en werden radiointerviews en -optredens verzorgd (Leidse Kade Live, Count Down Cafe).

Voor de opnamen van het derde album, wat Solo zou gaan heten, besloot de band in onderling overleg dat bassist en tekstschrijver Harmen niet zou meespelen op de plaat. Wel zou hij de teksten voor zijn rekening nemen. De baspartijen voor de nieuwe nummers werden gespeeld door Diets en Alex, en een enkele door de nieuwe bassist Mischa Boshart, die pas na de opnamen van de meeste nummers werd gevonden.

De opnamen voor de meeste nummers vonden plaats in de WAW-studio in de zomer van '96, in een deel van de provincie Groningen waar de afleiding tamelijk minimaal is. Afgezien van de gebruikelijke techische tegenslagen gingen de opnamen voorspoedig, in de bezetting zoals die was bij de opnamen van de eerste Crapjam-cd. Harmen nam zijn intrek in de WAW-vrachtwagen, daarna dus het Boerwinkel-kantoor.
Later werden er van de opgenomen tracks een paar weggegooid, en vervangen door nummers die later elders werden opgenomen. De plaat werd hierdoor evenwichtiger.
Ook op Solo is Jeroen de Jong van de partij. Hij speelt Hammond, Moog, diverse string-partijen. Andere gastmusici zijn Henk de Bruin en Koos Keus die een blazersarragement opnemen. Matthijs Veen speelt toetsen op een lied dat in zijn eigen studio is opgenomen.

Recensies:

Oor, nr 6. 21 maart 1998.

Crapjam? Zelden een naam gehoord die de luisteraar zo, al dan niet bewust, op het verkeerde been zet. `Crap' is het kwintet uit Meppel sowieso niet, aan een `jam' bezondigt de groep zich evenmin en als een slechte uitvoering van The Jam klinkt men ook al niet. Eerder als een ideale kruising tussen Tuesday Child en Daryll-Ann, twee andere Nederlandse bands van nu die op hun eigen wijze met de erfenis van het verleden omspringen. Op haar derde album maakt het te lang onbekend gebleven Crapjam heerlijke luie seventies-pop, met rijke melodieen, knappe zang van Alex Visser en technisch goed verzorgd spel. Meestal levert dat sfeervolle, compacte popsongs op als 'Since She Went Away', 'Waiting For The Day' en 'Doing Fine' (hit!), maar er is ook ruimte voor dramatisch getoonzette balades als 'Tell Me Now' en 'Siren'. Het brein van de groep is overigens drummer Peter Dijkman, die niet alleen alle muziek componeerde, maar de plaat ook produceerde. En dat deed hij voortreffelijk. Crapjam? Cool Tunes!

Oene Kummer

-----

Nieuwsblad van het Noorden, 17 februari 1998

Hoe onterecht het is dat de Meppeler groep Crapjam na twee platen in de vergetelheid dreigde te raken, bewijst hun nieuwe cd 'Solo'. De vooruitgang is opmerkelijk. De Beatleske gitaarpop heeft plaats gemaakt voor een rijker, meer sophisticated, in de vroege jaren zeventig geworteld geluid. Centraal staan nog steeds gitaarpopliedjes maar in de zang zit iets meer ingehouden soul en verder horen we veel kleine instrumentale zijsprongen (sitar en Egyptische percussie). Drummer-componist Peter Dijkman werd bijgestaan door Jeroen de Jong, die Hammond-orgel, mellotron en Moog-synthesizer speelt en hielp bij de strijkers-arrangementen. In de eerste twee nummers hoor je nog iets van Lenny Kravitz en John Lennon, maar dan ontvouwt zich allengs een eigenzinniger geluid. Verradelijk lichtvoetige arrangementen die worden ingekleurd met Flugelhorn en trompet, roepen bijvoorbeeld Burt Bacharach en Richard Carpenter in herinnering. Alle liedjes ademen een blijmoedige melancholie, waar wij tegenslagen als weggelopen vriendinnen en pech in de muziek met opgeheven hoofd worden gedragen.

Siebrand Vos